Week 08 (26 november)

Thema: Een koning roept

 

Wie is het door wie ik mij laat inspireren? Wie boeit mij, geeft mij oriëntatie voor mijn leven? Jezus wordt Heer en Christus genoemd, Messias, de werkelijke koning; hij roept om zijn koninkrijk hier op aarde gestalte te geven.

 

Ik zou kunnen vragen dat ik vinden mag wie ik zoek: de mens die mijn leven zin geeft, de God van Liefde.

 

Lied: Hoor. Maar ik kan niet horen. 

Om geboorte ( muziek: Antoine Oomen/ tekst: Huub Oosterhuis)


Hoor. Maar ik kan niet horen.

Mijn oren dichtgestopt.

Mijn adem opgekropt.

Mijn hart van leegte zwaar.

Ik ben nog niet geboren.

Ik ben niet. Niet waar.

 

Hoor. Maar ik wil niet horen.

Zou ik uw woord verstaan,

ik moest uw wegen gaan,

u volgen hier en nu.

Ik durf niet zijn geboren

en leven toe n aar U.

 

Hoor, roept Gij in mijn oren

en jaagt mijn angst uiteen.

O stem door merg en been

verwek mij uit het graf,

uw mens opnieuw geboren –

o toekomst, laat niet af.

 

 

Een koning die roept, de Messias, Jezus. Maar kan ik Hem horen, wil ik Hem wel horen, of heb ik mijn oren dichtgestopt. Misschien uit angst voor wat er dan kan gebeuren? Of hoor ik Hem al heel zachtjes fluisteren door al mijn drukte heen?

 

Roeping van enkele vissers, Luc. 5,1-11

 

Toen Hij aan het meer van Genesaret stond en de mensenmenigte zich om Hem verdrong om het woord van God te horen, zag Hij twee boten bij het meer liggen. De vissers waren van boord gegaan en spoelden de netten. Hij stapte in een van de boten, die van Simon, en vroeg hem een eindje van het land af te varen. Hij ging zitten en vanuit de boot gaf Hij de mensen onderricht.

 

Stel je deze situatie eens voor… een groot meer met vissersboten, een mensenmenigte en Jezus. Jezus zoekt de rust van het water om de mensen te kunnen toespreken.

- Is dat voor mij ook mogelijk om zo mijn leven in te richten

dat ik Hem kan horen, en verstaan wat Hij tegen mij zegt? 

 

Toen Hij uitgesproken was, zei Hij tegen Simon: “Vaar nu het meer op naar diep water. Daar moeten jullie je netten uitwerpen.” “Meester, “antwoordde Simon, ”de hele nacht hebben we ons al afgetobd zonder iets te vangen. Maar als U het zegt, zal ik de netten uitwerpen.”

 

Als U het zegt, zal ik het doen… Overgave, misschien meer met gevoel dan verstand, maar heel bewust. Iemand met idealen volgen. Op basis van groot vertrouwen.

Herken ik dit in mijn leven, of verlang ik hiernaar?

 

Dat deden ze en ze vingen zo’n massa vis dat hun netten ervan scheurden. Daarom wenkten ze hun maats in de andere boot om hen te komen helpen. Die kwamen, en beide boten vulden ze tot zinkens toe. Toen Simon Petrus dat zag, viel hij op z’n knieën voor Jezus en zei: “Ga weg van mij, Heer, want ik ben een zondig mens.” Want schrik had hem, en allen die bij hem waren, bevangen, vanwege de vissen die ze samen gevangen hadden. Zo verging het ook Jacobus en Johannes, zonen van Zebedeüs, die met Simon samenwerkten.

 

Een ommekeer ten goede. Niet verwacht en toch gekregen.

Met Jezus als middelaar.

Kan ik in mijn leven momenten zien waarin mij zo maar goede dingen toevielen. Of toch niet zo maar….

 

Maar Jezus zei tegen Simon: “Wees niet bang. Voortaan zul je mensen vangen.” Ze brachten de boten aan land, lieten alles achter en volgden Hem.

 

Niet bang zijn om idealen na te streven, je hart volgen,

je roeping. Keuzes maken kan pijn doen,

maar ook diepe innerlijke vreugde geven.

Zijn er in mijn leven mensen die mij, net als Jezus doet, oproepen om het goede na te volgen?

 

 

Lied: Hoor. Maar ik kan niet horen

(zie boven)

 


Comments