Week 09 (2 december)

Thema: God wordt Mens (eerste advent 2017)

 

Muziek: ensemble 'Chanticleer' cd 'our Heart's Joy'.

 

O come, o come, Emmanuel and ransome captive Israel,

that mourns in lowly exile here until the son of God appear.

Rejoice, rejoice! Emmanuel shall come to thee, o Israel.

O come Thou Rod of Jessie, free thine own from satan's tyranny;

from depths of hell thy people save and give them victory o'ver the grave.

O come Thou Day-Spring, come and cheer our spirits by Thy advent here.

O drive away the shades of night and pierce the clouds and bring us light.

Rejoice, rejoice! Emmanuel shall come to thee, o Israel.

 

Vrije vertaling uit 'Liedboek voor de kerken' (1973):

 

O kom, o kom, Immanuel, verlos uw volk, uw Israël,

herstel het van ellende weer, zodat het looft uw naam, o Heer.

Weest blij, weest blij, o Israël!  Hij is nabij, Immanuël.

O kom, Gij wortel Isaï, verlos ons van de tyrannie,

van alle goden dezer eeuw, o Herder, sla de boze leeuw.

O kom, o kom, Gij Oriënt en maak uw licht alom bekend;

verjaag de nacht van nood en dood, wij groeten reeds uw morgenrood.

Weest blij, weest blij, o Israël!  Hij is nabij, Immanuël.

 

 

Vanuit de diepte, het donker stijgt het gebed op van de zangers.  In woorden en muziek klinkt het verlangen naar het Licht. Met welk verlangen ben ik vandaag hier gekomen?

 

 

Tekst en meditatie: Johannes 1, 1-18

(Willibrordvertaling 1978)

 

In het begin was het Woord en het woord was bij God en het Woord was God.

Dit was in het begin bij God. Alles is door Hem geworden en zonder Hem is niets geworden van wat geworden is.

In Hem was leven, en dat leven was het licht der mensen.  En het licht schijnt in de duisternis maar de duisternis nam het niet aan.

 

Johannes noemt Jezus het Woord en in dat Woord – in Jezus was leven en dat leven was het Licht van de mensen.

Wat of wie is Jezus voor mij?  Kan ik daar woorden aan geven?

 

Er trad een mens op, een gezondene van God; zijn naam was Johannes.  Deze kwam tot getuigenis, om te getuigen van het Licht, opdat allen door hem tot geloof zouden komen.  Niet hij was het Licht, maar hij moest getuigen van het Licht.

 

God heeft Johannes en ook ons nodig om het Licht in de wereld te verspreiden.  Ik denk aan de mensen die mij het Licht lieten zien en aan de mensen aan wie ik het Licht mocht laten zien.

 

Het ware Licht, dat iedere mens verlicht, kwam in de wereld. Hij was in de wereld; de wereld was door Hem geworden, en toch erkende de wereld Hem niet.  Hij kwam in het zijne, maar de zijnen aanvaardden Hem niet.

Aan allen echter die Hem wél aanvaardden, aan hen die in zijn Naam geloven, gaf Hij het vermogen om kinderen van God te worden; zij zijn niet uit bloed, noch uit begeerte van het vlees of de wil van een man, maar uit God geboren.

Het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond.  Wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd, zulk een heerlijkheid als de Eniggeborene van de Vader ontvangt, vol genade en waarheid.  Wij hebben Johannes' getuigenis over Hem, toen hij uitriep: ”Deze was het van wie ik zei: Hij die achter mij komt, is voor mij, want Hij was eerder dan ik”.

Van zijn volheid hebben wij allen ontvangen; genade op genade.

 

God gaf ook mij het leven, het Licht.

Hoe neem ik dat geschenk van Hem aan?  Aarzelend misschien of met open armen? Of zou ik het liever teruggeven?

 

Werd de Wet door Mozes gegeven, de genade en de waarheid kwamen door Jezus Christus.

Niemand heeft ooit God gezien; de Eniggeboren Zoon, die in de schoot des Vaders is, Hij heeft Hem doen kennen.

 

Aan het eind van deze meditatie luisteren we nog eens naar het lied dat vanuit de diepte begint, maar steeds lichter en hoopvoller wordt.

Dat wij iets van dat licht en die hoop mogen ervaren in deze adventstijd.

 

 


Comments