Week 25 (8 apr)

Thema: Het laatste uur

 

Inleiding

Vandaag zijn wij stil bij de dood van Jezus aan het kruis.

 

'Wees gegroet, koning van de Joden'-

toen Hij een onmondig kind was

erkenden wijzen uit het Oosten Hem

om zijn waardigheid.

Nu Hij onweerlegbaar kan spreken over zijn Vader,

slaat die erkenning om in het tegendeel.

Mensen kunnen elkaar dood wensen.

God gaat door.

 

Wat ik vraag:

dat ik mij niet onttrek

aan het zien van de ellende van Jezus,

en van zovelen met Hem,

dat ik mijn eigen onvrijheid durf te zien

even helder als de onvrijheid van de omstanders;

dat Hij mijn hart peilt,

vanaf zijn kruis.

 

We mogen hier bij elkaar zijn met de Heer in ons midden.

U wordt uitgenodigd een comfortabele houding aan te nemen, uw adem tot rust te laten komen en de stilte in uzelf op te nemen.

 

Ik word mij bewust van mijn verlangen voor dit uur.

 

 

Tekst: Marcus 15, 16-39  (Nieuwe Bijbelvertaling 2004)

 

De soldaten leidden hem weg, het paleis (dat wil zeggen het pretorium) in, en riepen de hele cohort bijeen. Ze trokken hem een purperen gewaad aan, vlochten een kroon van doorntakken en zetten hem die op. Daarna brachten ze hem hulde met de woorden: 'Gegroet, koning van de Joden!' Ze sloegen hem met een rietstok tegen het hoofd en bespuwden hem, en bogen onderdanig voor hem. Nadat ze hem zo hadden bespot, trokken ze hem het purperen gewaad uit en deden hem zijn kleren weer aan.

Toen brachten ze hem naar buiten om hem te kruisigen.

Ze dwongen een voorbijganger die net de stad binnenkwam, Simon van Cyrene, de vader van Alexander en Rufus, om het kruis te dragen.

Ze brachten hem naar Golgota, wat in onze taal 'schedelplaats' betekent.

Ze wilden hem met mirre vermengde wijn geven, maar hij nam die niet aan.

Ze kruisigden hem en verdeelden zijn kleren onder elkaar; ze dobbelden erom wie wat zou krijgen. Het was in het derde uur na zonsopgang toen ze hem kruisigden.

 

Het opschrift met de aanklacht tegen hem luidde: 'De koning van de Joden.'

Samen met hem kruisigden ze twee misdadigers, de een rechts van hem, de andere links.

De voorbijgangers keken hoofdschuddend toe en dreven de spot met hem: 'Ach, kijk nu toch eens! Jij die de tempel afbreekt en in drie dagen weer opbouwt, red jezelf toch door van het kruis af te komen.'

Ook de hogepriesters en de schriftgeleerden maakten onder elkaar zulke spottende opmerkingen: 'Anderen heeft hij gered, maar zichzelf redden kan hij niet; laat die messias, die koning van Israël, nu van het kruis afkomen. Als we dat zien, zullen we geloven!' Ook de twee andere gekruisigden beschimpten hem.

 

Op het middaguur viel er een duisternis over het hele land, die drie uur aanhield. Aan het einde daarvan, in het negende uur, riep Jezus met luide stem: Eloï, Eloï, lema sabachtani?', wat in onze taal betekent: 'Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?'

Toen de omstanders dat hoorden, zeiden enkelen van hen: 'Hoor, hij roept Elia!'

Iemand ging snel een spons halen, doordrenkte die met zure wijn, stak de spons op een stok en probeerde hem te laten drinken, terwijl hij zei: 'Laten we eens kijken of Elia komt om hem eraf te halen.'

Maar Jezus slaakte een luide kreet en blies de laatste adem uit.

En het voorhangsel van de tempel scheurde van boven tot onder in tweeën.

Toen de centurio, die recht tegenover hem stond, hem zo zijn laatste adem uit zag blazen, zei hij: 'Werkelijk, deze mens was Gods Zoon.'

 

Meditatie

 

1] Na zijn schijnproces voor Pilatus wordt Jezus in handen gegeven van de Romeinse soldaten. Ze spelen een spottend spel met Hem en brengen hem daarna  weg om Hem te kruisigen.

Jezus' leerlingen zijn gevlucht. Zij maken zijn kruisweg niet van nabij mee. Wie er meelopen zijn de spotters en sensatiezoekers.

Ik stel me in alle bescheidenheid voor dat ik de moed ontvang om wel mee te gaan.

Een toevallige passant, Simon van Cyrene, wordt door hen gedwongen het kruis voor Jezus te dragen. Wat zou er in hem omgaan?

Zou ik het aandurven het kruis van Jezus te helpen dragen?

 

2] Ik zie hoe Jezus tussen misdadigers aan het kruis wordt geslagen. Het bordje met het opschrift: 'De koning van de Joden' geeft alleen maar aanleiding voor gemene spot van alle omstanders.

Ik kijk naar Jezus. Ik zie zijn lijden. In zijn gezicht zie ik de gezichten van de mensen die nu lijden: vluchtelingen, zieken en gehandicapten, stervenden, rouwenden, mensen die - om wat voor reden ook - een plaats in de samenleving wordt ontzegd, mensen die zich van God verlaten voelen. Misschien herken ik in Hem ook mijn eigen pijn en verdriet.

Ik vertrouw dat alles aan Jezus toe.

 

3] Op het middaguur viel er een duisternis over het hele land, die drie uur aanhield. Aan het einde daarvan, in het negende uur, riep Jezus met luide stem: Eloï, Eloï, lema sabachtani?', wat in onze taal betekent: 'Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?'

Toen de omstanders dat hoorden, zeiden enkelen van hen: 'Hoor, hij roept Elia!'

Iemand ging snel een spons halen, doordrenkte die met zure wijn, stak de spons op een stok en probeerde hem te laten drinken, terwijl hij zei: 'Laten we eens kijken of Elia komt om hem eraf te halen.'

Maar Jezus slaakte een luide kreet en blies de laatste adem uit.

En het voorhangsel van de tempel scheurde van boven tot onder in tweeën.

 

Stilte

 

4. Toen de centurio, die recht tegenover hem stond, hem zo zijn laatste adem uit zag blazen, zei hij: 'Werkelijk, deze mens was Gods Zoon.'

 

De centurio, de hoofdman van de Romeinse soldaten, is geraakt door het geheim van God. God is niet tegen te houden.

 

Muziek

Cantus in memoriam Benjamin Britten, Arvo Pärt (The very best of Arvo Pärt, CD 1, nr. 16)

https://www.youtube.com/watch?v=F7PcPwTid_A

 

Afsluiting

Na de muziek sluiten we de meditatie af met een persoonlijk stil gebed.