Vorig seizoen‎ > ‎

Week 03 (17 okt)

Thema: Gebed als levenshouding

 

Lied: Gij die het sprakeloze bidden hoort

Gij die het sprakeloze bidden hoort

Achter de woorden die wij tot U roepen.

Gij die de mensen ziet zoals geen mens.

 

Gij die uw woord in ons hebt neergelegd

In den beginne als een bron van weten.

Gij die ons hebt geschapen naar U toe.

 

Wek onze kracht, vuur onze hartstocht aan,

Heradem ons dat wij in U volharden.

Doe lichten over ons uw lieve Naam.

 

 

Exodus 17,8-16

 

08        Toen kwam Amalek aanzetten om Israël in Refidim aan te vallen.

09        Toen zei Mozes tegen Jozua:

            "Kies manschappen uit en trek morgen ten strijde tegen Amalek.

            Zelf ga ik met de staf van God in mijn hand op de top van de heuvel staan."

10        Jozua deed wat Mozes hem had opgedragen.

            Hij bond de strijd aan met Amalek,

            terwijl Mozes, Aäron en Chur de top van de heuvel bestegen.

11        En zolang Mozes zijn armen opgeheven hield,

            waren de Israëlieten aan de winnende hand.

            Maar liet hij zijn armen zakken, dan won Amalek.

12        Tenslotte werden Mozes' armen moe.

            Toen haalden ze een steen voor hem waar hij op ging zitten.

            Aäron en Chur ondersteunden zijn armen, elk aan een kant.

            Zo bleven zijn armen omhoog geheven, tot zonsondergang toe.

13        En Jozua versloeg Amalek en zijn leger met het zwaard.

14        Daarop gaf JHWH aan Mozes de opdracht:

            "Stel dit ter gedachtenis op schrift en prent het Jozua in:

            Ik ga de herinnering aan Amalek van de aarde wegvagen."

15        Toen bouwde Mozes een altaar en noemde het JHWH-banier.

16        Hij zei: "De handen omhoog naar JHWH's troon.

            JHWH strijdt tegen Amalek, alle geslachten door."

 

 

Gedachten ter overweging

 

0]         Plaatsnemen voor God die met vriendelijkheid naar mij kijkt.

            Zoals het lied zingt:

            ‘Gij die de mensen ziet zoals geen mens.’

                       

1]         Hier kunnen we in gedachten met Mozes mee de berg op gaan

            om voor God plaats te nemen.

            Ik neem de tijd om me er een voorstelling van te maken.

 

2]         Het volk wordt aangevallen, in zijn bestaan bedreigd.

            Ik breng mij de momenten te binnen dat ikzelf werd bedreigd of aangevallen.

            Hoe ben ik daar toen doorheen gekomen?

 

3]         Ik haal mij de mensen voor de geest die worden bedreigd of aangevallen.

            Eén voor één.

            Blijf bij elk een ogenblik staan.

            En beveel ze telkens aan bij God.

 

4]         Mozes moet ondersteund worden in zijn gebed.

            Door wie word ik ondersteund in mijn bestaan?

            In mijn geloof?

 

5]         Dit verhaal suggereert:

            zolang je in dit leven een biddende levenshouding aanneemt,

            zul je er boven op komen en overleven.

            Ik pas dat toe op mijzelf en overweeg of ik dat geloof.

            Wat het voor mij zou betekenen.